Oefening 1

Aan het eind van de maand is mijn geld altijd op.

一到月末我的钱就花光了


Achter de wolken schijnt de zon.

太阳被乌云遮挡。


Achter deze zin komt een punt.

这个句子后面要有句号


Aisha wast haar baby.

Aisha给孩子洗澡


Ali mag met zijn vader mee naar Schiphol.

Ali可以跟他爸爸一起去Schiphol.


Ali viel in slaap, hij was erg moe.

Ali睡着了,他太累了


Alle wegen leiden naar Rome.

条条大道通罗马


Als iets ingewikkeld is dan is het moeilijk

如果某事是复杂的,那么它就是难


Als ik ga winkelen koop ik vaak schoenen.

如果我去逛街,我通常都会买鞋。


Als ik op reis ga neem ik mijn koffer mee

如果我去旅行,我都会带着箱子。